Home
Contactgegevens Poliklinieken
Staaroperaties
Overige operaties en behandelingen
Oogheelkundige onderzoeken
Wachtlijstinformatie
Zorgverzekeraars
Tarieven
Klachtencommissie
Veelgestelde vragen
Vacatures
Inloggen
Site Info

Nieuws
Onderzoeken  
Netvliesonderzoek
Gezichtsveldonderzoek

Netvliesonderzoek
Een netvliesonderzoek vindt plaats door middel van gewone foto's, geen röntgenfoto's. Het onderzoek wordt gedaan voor een groot aantal verschillende afwijkingen van het netvlies. Het netvlies is het lichtgevoelige deel van het oog en zit achter tegen de binnenkant van het oog. Het netvlies wordt door twee bloedsystemen van bloed voorzien. Het systeem van het vaatvlies en het systeem van de netvliesbloedvaten. Om deze bloedbanen goed in beeld te krijgen is een techniek nodig waarbij een contrasterende kleurstof in het bloed wordt gespoten, waarna de loop van deze kleurstof in het bloed wordt gespoten, waarna de loop van deze kleurstof door de verschillende bloedvatsystemen gevolgd wordt.

Hoe gaat het onderzoek in zijn werk
Allereerst worden uw ogen door de assistent gedruppeld. Deze druppels dienen om de pupil te vergroten. Als de pupillen groot genoeg zijn, gaat u naar de fotokamer. De foto's worden gemaakt met een speciale camera. Voor de camera bevindt zich een kinsteun waarop de kin wordt geplaatst. Er is een klein rood knipperend lampje waar u met één oog moet kijken. Allereerst worden enkele foto's gemaakt zonder inspuiting. Daarna komt de oogarts en die geeft u een prik in de arm waarbij een gele vloeistof, fluoresceïne genaamd, ingespoten wordt. Al tijdens het inspuiten begint de fotograaf met het maken van foto's om het vroegste binnentreden van de kleurstof in het oog niet te missen. De foto's worden gemaakt met een fel blauw licht met flits. Na afloop van het onderzoek zult u wat wazig zien. Dit komt ten eerste door de wijde pupillen en ten tweede door de sterke verblinding van het vele licht. Het wazige zien zal pas na ongeveer acht uren verdwijnen. Direct na afloop van het onderzoek is uw huid sterk geel. Dit is het gevolg van de gele kleurstof die bij u is ingespoten. De gele kleurstof is uiteraard onschuldig en zal met de urine het lichaam verlaten. De urine is dan ook de eerste twee dagen fel geel gekleurd.

Waar u op moet letten
Indien u pupilverkleinende druppels (zoals pilocarpine of isoptocarbachol) gebruikt, wordt u verzocht deze op de dag van het onderzoek niet te gebruiken. Alle overige oogdruppels kunt u gewoon doorgebruiken. Ook alle andere medicijnen kunt u normaal gebruiken. Suikerpatiënten kunnen normaal eten en normaal hun insuline gebruiken. Voor hartpatiënten bestaan geen bijzondere gevaren. Bij het maken van de foto's kan een misselijk gevoel ontstaan maar dat gaat meestal snel over. Het onderzoek is onschadelijk voor zwangere vrouwen, maar wordt uiteraard alleen uitgevoerd indien het strikt noodzakelijk is.

Naar boven

Gezichtsveldonderzoek
Met het gezichtsveldonderzoek is de lichtgevoeligheid te bepalen van het netvlies over het hele oppervlak. Het helpt bij het opsporen van een groot aantal oogheelkundige afwijkingen en afwijkingen van het zenuwstelsel. Het onderzoek vergt ongeveer twintig minuten per oog en kan handmatig of geautomatiseerd worden uitgevoerd. In beide gevallen is de rol van de patiënt hetzelfde: u drukt op een knop als u een bepaald lichtje ziet.

Onderzoek
Als u zich heeft gemeld bij de balie, wordt u begeleid naar de gezichtsveldkamer. Het is daar vrijwel donker, u ziet slechts de zwak verlichte halve bol van het gezichtsveldapparaat. Tijdens de instructie krijgen uw ogen gelegenheid te wennen aan het lage lichtniveau in de kamer. Wanneer u uw kin op de steun heeft geplaatst, worden het apparaat en uw hoofd zodanig bewogen dat het te onderzoeken oog zich recht voor het midden van de halve bol bevindt. In het midden zit een lichtje waar u strak naar moet blijven kijken. Boven of onder het midden, links of rechts ervan, gaan nu volkomen willekeurig lichtjes aan en uit, van verschillende grootte en sterkte. Als u zo'n lichtje meent te zien dan drukt u op de knop in uw hand.

Het is de bedoeling dat u daarbij steeds naar het middenlichtje blijft kijken. Ga dus niet om u heen kijken of u lichtjes ziet, want zolang u niet naar het midden kijkt laat het apparaat geen andere lampjes aangaan. Lichtpuntjes kunnen meerdere malen op dezelfde plaats verschijnen. De betrouwbaarheid van uw antwoorden wordt door het apparaat zelf gecontroleerd. Reageert u snel, dan zal het apparaat ook sneller lichtjes aanbieden en bent u eerder klaar. Reageert u langzaam dan zal het apparaat zich aan uw tempo aanpassen. Neem in geen geval het hoofd van de steun, omdat dan het uitrichten opnieuw moet plaatsvinden. Halverwege het onderzoek zal soms een leesglas voor het oog geplaatst worden. Na afloop print het apparaat de bevindingen op een uitslagvel. Aan de hand hiervan kan de oogarts bepalen wat er eventueel mis is met uw oog. Voor het uitslaggesprek met de oogarts wordt meestal door het secretariaat een vervolgafspraak gemaakt.

Naar boven